Het voelt echt als STOP.
Verwarrend.
Overdonderend.
Naar adem happen.
Met in eerste instantie iets van “Wat is dát hier?”

Bij mij was het geen kwestie van fysieke energie, die had ik nog genoeg. Al weet ik dat dat voor vele mensen met een burn-out niet het geval is. Ik liep m’n eerste 15km toen ik 3 weken burn-out was, moeilijk uit te leggen aan buitenstaanders. Lopen en wandelen waren één van de weinige zaken die ik nog wel kon.

Mijn burn-out had mij vooral platgelegd op mijn ogen, en mijn concentratievermogen. Ik was toen leidinggevende in de IT en van de ene dag op de andere kon ik geen beeldschermwerk meer doen. Ik kon letterlijk geen 30 sec meer naar een beeldscherm kijken. Deed ik dat toch, dan kreeg ik erge pijn boven mijn ogen, hoofdpijn, duizeligheid, nekpijn, misselijkheid en als ik dan nog bleef doorgaan dan moest ik ook overgeven.

Ik kon niet meer autorijden, niet meer lezen, niet meer in de buurt van mijn kinderen zijn, geen tv kijken, niet koken, geen conversatie voeren met meer dan 2 mensen, niet meer naar de supermarkt, …

Geluiden kwamen ook heel hard binnen. Ik weet nog dat ik de eerste dag, toen ik nog niet door had dat ik een burn-out had, de trein pakte naar mijn werk. De luidsprekers en de aankondigingen in het station waren zó luid. Dat deed echt pijn en ik kon dat niet verdragen.

Het ging ‘m ook niet echt om mentale energie. Ik had mentaal best nog wel veel energie om vanalles te doen. Ik wou ook nog graag dat beeldschermwerk doen en allerlei activiteiten ondernemen. De goesting was er nog.
Maar het ging niet meer. Ik botste tegen de grenzen van mijn eigen systeem. En ik kon niks anders doen dan dat maar te ondergaan en mij daarbij neer te leggen.

Al die symptomen zijn nu nog niet volledig weg. Ik heb nog altijd moeite met overvloedig beeldschermwerk, lange autoritten en een overdaad aan geluid. Maar ze zijn gelukkig wel een pak minder. En leefbaar.

Als ik nu terugkijk op die eerste maanden nadien, dan snap ik niet hoe ik die overleefd heb. Dag in dag uit. Dat ging allemaal zo traag en was zo frustrerend. Totale overgave, dat was de clue volgens mij. Total surrender.

Maar eigenlijk kan ik daar nu ook wel de charme van inzien, van al die traagheid. Het enige wat toen nog op mijn to-do list stond, was mezelf de ruimte geven om te herstellen. Al de rest was toch niet meer mogelijk, dus ‘fuck it all’ (oops) en dat gaf ook een zekere rust. Hoe contradictorisch het ook mag klinken 🙂

Liefs ❤️
Annemie