Van de ene moment op de andere uitvallen en bijna niets meer kunnen. Dat geeft toch wel een zwart gat. Maar het dagelijks leven gaat dan nog steeds gewoon door. De zon komt op en gaat weer onder, en er zijn 24u in een dag. Herstel verloopt héél traag en de dagen duren lang. Hoe vul je in hemelsnaam je dag als je niks meer kunt?

De eerste weken deed ik elke dag ongeveer hetzelfde. In de voormiddag gaan lopen of wandelen, gevolgd door een theetje op mijn terras of in mijn zetel. Het was November-December, dus ik kon geen uren buiten in de zon gaan zitten. De tuin vergde ook niet veel onderhoud. Ik kon niet autorijden, dus ik kon eigenlijk nergens naartoe. De trein ging ook niet, want dat was teveel lawaai.  Als ik toch ergens moest zijn, dan ging ik met de fiets.

In de namiddag nam ik dan een lang warm bad, dikwijls zelfs enkele uren. Als ‘s avonds m’n kinderen thuis waren, dan ging ik op bed liggen tot ze gegeten hadden en sliepen, of ik ging weer naar buiten voor een avondwandeling. Elke dag opnieuw. De tijd ging echt traag.

Ik kon niks doen waarbij ik me moest concentreren. Zelfs lezen ging de eerste maanden niet. Maar het feit dat ik eigenlijk zo goed als geen geluid kon verdragen, dat had waarschijnlijk nog de grootste impact. Als ik ging wandelen en ik moest ergens een drukke weg oversteken, dan moest ik m’n oordoppen indoen. Anders voelde ik de minieme energie weer wegsijpelen.

Na een 6-tal weken kon ik er wat yoga bijnemen, in kleine groep. En ik kon me ook al wat creatief bezig houden. Ik haalde toen m’n schildergerief en m’n schetsboek terug boven. Die waren al weggeweest sinds m’n puberteit. Na 2 maanden probeerde ik terug een korte autorit te maken en een kort bezoekje aan de supermarkt te brengen. Ik had altijd en overal mijn op maat gemaakte oordoppen mee, om mezelf te beschermen.

Die eerste maanden waren zeker geen gemakkelijke periode. Maar ze waren wel enorm leerrijk. Dus dan vraag je je nu waarschijnlijk af: wat kan je daar zoal uit leren dan?

  1. Je eigen grenzen respecteren
    Als ik iets deed waarvan ik voelde dat het eigenlijk niet ging, dan werd ik teruggefloten. Probeerde ik om 5 minuten langer te lezen omdat mijn hoofdstuk nog niet af was, ondanks dat ik voelde dat het genoeg was? Dan moest ik 2 dagen recupereren. Je eigen grenzen haarfijn leren aanvoelen en ook leren respecteren, moeilijk maar noodzakelijk. Een mooie les om te leren, met veel oefenwerk.
  2. Overgave
    Niet mijn favoriete thema, nog steeds niet :-). Maar er was geen andere keuze. Ik zal nu eenmaal in die situatie en de enige manier om eruit te geraken was mezelf eraan overgeven. Ertegen vechten hielp toch niets en zorgde er alleen maar voor dat het allemaal langer zou duren. Net zoals je alleen maar dieper in het drijfzand zakt als je er met man en macht probeert uit te geraken. Overgave, en dat proces z’n werk laten doen, is de clue. Oh boy.
  3. M’n energiegevers en energievreters
    Ik leerde ook heel duidelijk m’n energiegevers en energievreters kennen. Tijd in de natuur werd bijna iets magisch, ik knapte daar zo van op. Dat lijkt nu misschien allemaal heel simpel, maar vooraf besefte ik niet dat ik dat zo nodig had. Ik had eigenlijk geen benul dat er iets bestond als mentale energie. Dat het echt nodig was om genoeg dingen te doen die je graag doet, waarvan je voelt dat ze je echt voeden. Op meerdere niveau’s.

Door die waardevolle lessen die ik leerde, vind ik nu dat die periode helemaal geen ‘verloren tijd’ was. Integendeel, ik ben zeer dankbaar dat ik die lessen mocht leren, al was het wel op de harde manier.
“Een burn-out is een cadeautje”, hoor je wel eens zeggen. Wel ja, dat is zeker waar, maar dan wel eentje met veel lessen en laagjes papier om uit te pakken. Ik ga jullie in de volgende edities zeker nog wat vertellen over de verborgen schatten in mijn pakje 🙂

Met liefde,
Annemie